• 27 sep

    2019

    Rayonexclusiviteit biedt geen bescherming tegen dringend eigen gebruik franchisegever

    Rayonexclusiviteit in de franchiseovereenkomst biedt geen soelaas tegen opzegging van de huurovereenkomst wegens dringend eigen gebruik. Aldus oordeelde het Gerechtshof Den Haag in een zaak tussen Bram Ladage en haar franchisenemers in het centrum van Rotterdam.

    Het geschil laat zien hoe lastig het kan zijn als tussen twee contractpartijen meerdere overeenkomsten bestaan. In dit geval een huurovereenkomst en een franchiseovereenkomst. Welke van de afspraken gaan dan voor? 

    De vraag

    De vraag die Bram Ladage en haar franchisenemer hadden was of Bram Ladage de huurovereenkomst mocht opzeggen, omdat zij de bedrijfsruimte nodig had voor persoonlijk gebruik. De franchisegever kon met de eigen exploitatie namelijk een beter rendement halen dan via de verhuur. De franchisenemer vond dat de opzegging niet was toegestaan, omdat in de franchiseovereenkomst rayonexclusiviteit was afgesproken. De franchiseovereenkomst zou nog een aantal jaren voortduren, terwijl Bram Ladage de onderneming van de franchisenemer niet (ook) wilde overnemen. 

    Wat is dringend eigen gebruik?

    Voor een beroep op de wettelijke huur-opzeggingsgrond ‘dringend eigen gebruik’ is nodig dat de verhuurder aannemelijk maakt dat hij de bedrijfsruimte dringend nodig heeft met het oog op voorgenomen duurzaam persoonlijk gebruik door hemzelf of een van zijn naasten. Objectieve gegevens zijn daarbij niet nodig, algemene bedrijfseconomische motieven, zoals een plan dat uitvoerbaar en levensvatbaar is, volstaan. 

    Rayonexclusiviteit

    De franchisenemer wees op de afspraak over rayonexclusiviteit in de franchiseovereenkomst. Hij mocht immers als enige het Bram Ladage-systeem gebruiken in het rayon. Volgens de franchisenemer betekent dit ook dat de franchisegever de huur niet kan opzeggen wegens dringend eigen gebruik. Dat eigen gebruik was nu juist uitgesloten. 

    Het Gerechtshof

    Het Gerechtshof oordeelt dat de afspraak uit de franchiseovereenkomst die luidt dat Bram Ladage haar franchisenemer geen concurrentie zal aandoen, de franchisenemer in deze zaak niet mag baten. Die rayonbescherming is gekoppeld aan de uitoefening van het franchisesysteem in de verhuurde bedrijfsruimte in Rotterdam. Als de huurovereenkomst voor die bedrijfsruimte wordt beëindigd, kan de franchisenemer het franchisesysteem zelf niet langer gebruiken en kan hij ook geen aanspraak meer maken op de bescherming tegen concurrentie van de franchisegever. 

    Conclusie

    Aan de huurovereenkomst tussen Bram Ladage en haar franchisenemer in Rotterdam komt een einde. Bram Ladage mag de snackbar (weer) zelf gaan exploiteren. Over de gevolgen hiervan voor de rechten van de franchisenemer, daar laat het Gerechtshof zich niet over uit.  

Klanten die Doen