De verboden franchiseovereenkomst

Een samenwerkingsrelatie verloopt niet altijd zoals de samenwerkingspartners zich dat vooraf voorgesteld hadden. Dit kan tot gevolg hebben, dat één van de partners aangeeft de relatie voortijdig te willen beëindigen. Zo’n mededeling valt niet altijd goed, waarbij alles uit de kast wordt gehaald om de voormalig handelsgenoot te dwarsbomen, zelfs het argument dat de gemaakte afspraak altijd al verboden was.

Zo ook bij de Setpoint-formule. De mannenmodeketen heeft al sinds 2006 onenigheid met een oud franchisenemer en ruziet nu anno 2013 nog steeds, met als inzet een enorme schadeclaim. Zoals bij zoveel zaken, gaat het mis vanwege tegenvallende financiële resultaten die niet gekeerd kunnen worden. Bij goede resultaten is alles pais en vree en blijft men meestal bij elkaar.

Setpoint en de franchisenemer verwijten elkaar in de procedure, die inmiddels bij het gerechtshof in behandeling is, nagenoeg alles. De franchisenemer vindt dat de formule onnodig vaak gewijzigd is, dat het gevoerde merkenbeleid onduidelijk was, dat hem onnodige grote voorraden zijn opgedrongen en dat er onvoldoende is gedaan om zijn omzet op niveau te krijgen. Ook verwijt de franchisenemer Setpoint dat die zonder goede reden gestopt is met het leveren van kleding aan hem en eist hij een vergoeding voor de aan zijn voormalige vestiging verbonden goodwill. Setpoint vindt dat zij juist in het belang van de formule gehandeld heeft en dat er voor haar handelwijze bovendien een rechtvaardiging bestond. De maatregelen waren noodzakelijk vanwege de economische situatie. De franchisegever eist betaling van achterstallige facturen en een schadevergoeding van de franchisenemer.

De franchisenemer heeft een zware dobber aan het bewijzen van zijn stellingen. Als verweer zet hij daarom het kartelverbod-wapen in. Dat verbod staat in de Mededingingswet, de wet die de spelregels bepaald voor een ongehinderde en concurrerende handel bij de verkoop van producten of diensten.

Het kartelverbod verbiedt het maken van prijsafspraken of afspraken over gebiedsexclusiviteit. De gedachte daarachter is, dat dergelijke kartelafspraken nadelig zijn voor de consument, omdat de prijs erdoor omhoog gaat of omdat de consument minder keuzevrijheid heeft. Een kartel verhindert aldus de concurrentie en is om die reden verboden.

De franchisenemer beweert dat hij, net als alle andere franchisenemers binnen de formule, verplicht was om de door Setpoint vastgestelde verkoopprijzen op te volgen. Daarmee was er sprake van een prijsafspraak, van een verboden kartel, met als gevolg een verboden franchiseovereenkomst.

Een afspraak binnen een franchiseverband is pas verboden als die afspraak strekt tot beperking van de mededinging en ook merkbaar is op de relevante product- en geografische markt. Omdat de franchisenemer degene is die het kartelwapen inzet, is hij ook degene die dat moet bewijzen. Hij moet  bewijzen dat Setpoint aan haar franchisenemers dwingend prijzen voorschreef en dat die beperking merkbaar was op de markt van herenkleding in Leidschendam, Den Haag en omstreken.

Al met al geen gemakkelijke opgave, waarvoor het oordeel van een deskundige nodig is, zo oordeelt het gerechtshof. De kwestie sleept dus nog even voort, terwijl inmiddels voor Setpoint het doek is gevallen. De formule sluit voor eind april alle zestien overgebleven filiale vanwege ‘bedrijfseconomische redenen’.